Latin America Magazine.
 

Aantreden Bolsonaro slechte voorbode

14-02-2019 by Janneke Prins
De Amerikaanse minister Pompeo poseert met Bolsonaro tijdens diens inauguratie, 1 januari 2019 (Foto: U.S. Department of State).

De extreem-rechtse Braziliaanse president Jair Bolsonaro heeft bij zijn aantreden onmiddellijk de rechten van minderheden ingeperkt. Dit is een slechte voorbode voor wat gaat komen. 

Vandaag bevrijden we ons van het socialisme en de politieke correctheid’, sprak Jair Bolsonaro de menigte toe vanaf het bordes van het presidentiële Planaltopaleis na zijn inauguratie op 1 januari. Hij voegde daaraan toe: ‘Onze vlag zal nooit rood kleuren’. Bolsonaro is de nieuwste president in de extreemrechtse golf die de afgelopen jaren de wereld overspoelt. 

Net als Trump, haalt Bolsonaro voortdurend uit naar de gevestigde media. Ook vormde wapenbezit voor burgers een speerpunt in zijn verkiezingscampagne. Hij kreeg op 1 januari de felicitaties van de Israëlische premier Netanyahu en van premier Orban uit Hongarije. Niet uitgenodigd voor de inauguratie waren presidenten Nicolas Maduro van Venezuela en Daniel Ortega van Nicaragua, beiden van een linkse signatuur. 

Inauguratie 

Mensenrechten zijn volgens Bolsonaro een linkse hobby. Hij voegde dan ook onmiddellijk de daad bij zijn verkiezingswoord: hij schafte alle rechten af van LGBTQI+’ers en oorspronkelijke bewoners van het Amazonegebied. Woordvoerders van de laatstgenoemde groep reageerden kort en bondig: ‘Het jachtseizoen op ons is geopend’. 

Onderdeel van deze nieuwe koers is de herindeling van ‘inheems gebied’ in de Amazone. Op Twitter lichtte Bolsonaro dit toe: ‘Meer dan 15 procent van het nationale grondgebied is afgebakend als inheems land’. 

In deze gebieden wonen minder dan een miljoen mensen ‘die allemaal worden uitgebuit en gemanipuleerd door de ngo’s. Laten we hen samen integreren.’ Dinaman Tuxá vreest dat dit een nieuw kolonisatieproces inhoudt. Tuxá is coördinator van Apib, een organisatie die opkomt voor de inheemse bevolking van Brazilië. 

Gezien de hoge aantallen moorden op homoseksuelen en transgenders in Brazilië, is duidelijk dat het jachtseizoen op deze minderheden al langer geopend is. Zo telde Grupo Gay da Bahia, de oudste homo-organisatie van het land, 387 moordslachtoffers in 2017 en 343 in 2016. Nu zijn ze helemaal vogelvrij verklaard. 

Daarmee komt een droom uit van de machtige Pinksterkerk waar Bolsonaro lid van is. In zijn inauguratierede beloofde Bolsonaro het ‘gender- ideologische’ onderwijs in scholen te bestrijden om ‘onze joods-christelijke traditie te respecteren’ en ‘kinderen voor te bereiden op de arbeidsmarkt, niet op politieke strijd.’ Deze ideeën stoelen op christelijk fundamentalistisch gedachtegoed over seksuele geaardheid en abortus. Dit heeft dan ook verstrekkende gevolgen voor seksuele voorlichting op scholen. 

Benoeming en belangen 

De benoeming van Bolsonaro vormt een stevige breuk met dertien jaar sociaaldemocratisch beleid van de Arbeiderspartij (PT). Metaalarbeider en vakbondsman Luiz Inácio Lula da Silva, koosnaam Lula, werd in 2002 tot president verkozen. Zijn partijgenoot Dilma Rousseff nam het stokje vanaf 2011 van hem over. 

In 2016 moest Rousseff aftreden in verband met beschuldigingen van corruptie. Het beleid van Lula en Rousseff heeft de levensstandaard van miljoenen Brazilianen relatief verbeterd door onderwijs- en voedselprogramma’s te stimuleren. 

Bolsonaro staat echter voor een hardrechtse koers. Hij wil niets te maken hebben met het VN-migratiepact (beter bekend als het Verdrag van Marrakesh) noch met de klimaatdoelstellingen uit het Parijs-akkoord. 

In het kabinet-Bolsonaro hebben zeven van de 22 ministers een militaire achtergrond. Dat zijn er verhoudingsgewijs meer dan tijdens de militaire dictatuur (1964-1985). Zo is vicepresident Mourão een racistische generaal. Volgens hem is een van Braziliës ‘problemen’ dat in de samenleving ‘de luiheid van de indianen’ met de ‘ondeugd van zwarten’ is vermengd. 

Bolsonaro wilde graag dat Augusto Heleno minister van Defensie zou worden. Van hem komt de uitspraak ‘Eerst schieten, dan kijken wie je hebt gedood’. Heleno was de leermeester van Bolsonaro op de militaire cadettenschool. In plaats van de Defensiepost krijgt Heleno nu de rol van ‘kabinetschef Institutionele Veiligheid.’ 

Dan is er Sérgio Moro, die als rechter een belangrijke rol speelde in het gevangenzetten van Lula. Dit was een belangrijke zet om de PT in de verkiezingsstrijd vorig jaar te schaden, aangezien Lula nog steeds enorme populariteit geniet. Zijn opvolger Fernando Haddad is veel onbekender. Moro wordt minister van Justitie. 

Een belangrijke onderliggende verklaring voor Bolsonaro’s succes is de steun die hij krijgt vanuit de Braziliaanse heersende klasse. Het klassencompromis van de PT-regeringen kon standhouden tijdens de aanhoudende economische groei tot 2013. Maar daarna sloeg de economische crisis toe en wilde de heersende klasse de touwtjes weer in eigen handen nemen. In dat kader moeten de corruptiebeschuldigingen tegen Lula dan ook worden gezien. In vergelijking met andere actuele corruptieschandalen is het bewijs in deze zaak flinterdun. 

Neoliberale hardliner 

Op de post van minister van Economie is Paulo Guedes gezet. Guedes was betrokken bij de neoliberale ‘shocktherapie’ die in 1973 werd doorgevoerd in Chili. 

Een dergelijk scenario kan in Brazilië ook worden verwacht. Bolsonaro wil het begrotingstekort van 8 procent volgend jaar al terugbrengen naar nul. Een mogelijke stap is daarom het privatiseren van staatsbedrijven Petrobras (olie), Eletrobras (energie) en Correios (post). Een andere stap is het verder afbreken van de pensioenen. 

Beide stappen zullen voor botsingen binnen het kabinet zorgen. De generaals in het kabinet zullen hun pensioenprivileges niet willen opgeven. 

Ook zijn deze nationalistische militairen geen voorstander van privatiseringen van staatsbedrijven. ‘Wat gaan al die militairen doen als het beleid straks niet uitpakt zoals ze willen?’ is een terechte vraag die Marjon van Royen stelt in haar recente artikel in de Groene Amsterdammer

De komende maanden zal blijken of mensen de moed hebben om de straat op te gaan. Bijvoorbeeld op 1 mei, voor Pride of in protesten tegen aankomende bezuinigingen en privatiseringen. Met het extreemrechtse beleid van Bolsanaro zal de voedingsbodem voor protesten alleen maar groeien.

 

Dit artikel werd oorspronkelijk gepubliceerd op socialisme.nu. 

 

reageren